Cursus Filosofie

in Laren (NH) en in De Bilt

In januari 2017 begint er weer een cursus filosofie waarin drie thema's aan bod komen: als eerste thema het antieke atomisme (zoals van Epicurus en Lucretius) waarin alles ontstaat uit deeltjes (atomen) en weer uiteenvalt in deeltjes (met als vraag of er dan nog een zin en richting in ons bestaan te vinden is), en de leer van de stoïcijnen (zoals Seneca) over de betrekkelijkheid van alles waar we ons druk over maken in ons leven. Tweede thema is dat van de wetenschaps-filosofie: wat kunnen we weten en welke waarheidstheorieën zijn er (wat is eigenlijk waarheid)? Het derde thema is zeer actueel en betrekt zich op het economisch denken: het loopt van “de vader van het kapitalisme”, Adam Smith, naar Georg Simmel die over de geldsamenleving filosofeerde, verder naar de Amerikaanse filosofe Ayn Rand (in Amerika net zo vaak gelezen als de Bijbel) maar die – toch een tikkeltje on-bijbels – pure zelfzucht en egoïsme predikt, om uit te komen bij het tegenwoordig zeer bekritiseerde neo-liberalisme (het vrije-markt-denken) van Milton Friedman en Friederich Hayek. Een bloeiende en boeiende cursus van tien bijeenkomsten in De Bilt en in Laren (NH).

eerste bijeenkomst: Het atomisme van Epicurus (rond 300 v. Chr.) en Lucretius (99-55 v. Chr.): hoe ziet de oud-Griekse wereld der deeltjes eruit? Als alles ontstaat uit deeltjes en daarin weer uiteenvalt, wij ook, is er dan een richting en zin van het bestaan? Lucretius over het ontstaan van een natuurlijke orde uit de chaos der atomen en Epicurus over het goede leven.

tweede bijeenkomst: Stoïcijnse levenswijsheid (1): De wijze stoïcijn berust in zijn levenslot, want de dingen gebeuren nu eenmaal onafwendbaar, omdat alles zijn loop heeft en voorbeschikt is. Over de wijsheid van Seneca: “het leven is alleen maar kort als we ons gek laten maken door onze bevliegingen en drijfveren” en “het einde van het leven is een haven die we toch ooit moeten binnenzeilen.”

derde bijeenkomst: Stoïcijnse levenswijsheid (2): over de betrekkelijkheid van het leven in de Overpeinzingen van Marcus Aurelius (Romeins keizer, 2e eeuw); over de Vertroosting van de Filosofie (een stoïcijns geschrift van Boëthius – rond 500 na Chr.); en over de Standvastigheid van Justus Lipsius (neo-stoa, 16e eeuw). Marcus Aurelius maakte menige veldslag mee; Boëthius werd na jaren trouwe dienst ter dood veroordeeld; Lipsius leefde tijdens het begin van de 80jarige oorlog. Filosofie, rust, en standvastigheid was hun antwoord.

vierde bijeenkomst: Wetenschapsfilosofie (1): een eerste duiding van wat wetenschap is. Welke rol speelt de waarneming en welke problemen ondervind je daarbij? Welke waarheidstheoriëen zijn er?

vijfde bijeenkomst: Wetenschapsfilosofie (2): over wetenschappelijke stijlen zoals deductie (afleiden uit principes), inductie (opmaken uit waarnemingen), “meten is weten” en de statistiek als wetenschappelijke stijl.

zesde bijeenkomst: Wetenschapsfilosofie (3): over Sir Karl Popper en diens befaamde “falsificatietheorie”: waar is slechts waar wat zich op termijn laat ontkennen (anders is het een dogma en geen wetenschap) en Thomas Kuhn over hoe ontsporingen in de wetenschap leiden tot nieuwe inzichten.

zevende bijeenkomst: Adam Smith (1723-1790), grondlegger van het economisch denken (zo men wil: van het kapitalisme) en professor in de ethiek te Glasgow. Over welbegrepen eigenbelang in het economisch denken en over sympathie als basis van de samenleving. Eigenbelang en sympathie: vullen die elkaar aan of vormen die een tegenoverstelling?

achtste bijeenkomst: Georg Simmel (1858-1918) en diens Philosophie des Geldes (1900): hoe de wereld steeds meer een telraam werd, een NV; over de tegenstelling tussen geld en waarde; en over de samenhang van het geld dat alles tot een getal reduceert met de verwetenschappelijking van de wereld waarin alles uitgedrukt wordt in frequentie en formule.

negende bijeenkomst: Ayn Rand (1905-1982) en de filosofie van de hebzucht. Het bekendste boek van Ayn Rand, Atlas Shrugged, is het in Amerika op de Bijbel na meest gelezen boek. De Amerikanen begrepen dat geld wordt gemaakt: het wezen van de menselijke moraliteit schuilt volgens Rand in de uitdrukking “to make money”. En wie dat niet kan, valt af.

tiende bijeenkomst: Het neo-liberalisme van Milton Friedman (1912-2006) en Friedrich Hayek (1899-1992). Beiden waren voorstander van de vrije markt, een terugtredende overheid en privatisering; beiden waren van invloed op Ronald Reagan en Margareth Thatcher. Vooral Hayek's The Constitution of Liberty (1960), met diens analyse wat vrijheid nu eigenlijk is, komt aan bod.

U kunt nadere informatie aanvragen door even een emailtje te sturen (“graag info volgende cursus”) naar de docent, dr. Marinus de Baar: mdebaar@hetnet.nl